De Olve-vierdejaars naar Engeland 2007 – Enkele leerlingenverslagen
TUUT – TUUT –TUUT …
Brand? Een aardbeving?
Nee, het is de wekker maar. Onmenselijk vroeg. De reden hiervoor is simpel. Het wil me echter niet te binnen schieten op dit vroege uur. Na een kop koffie gaat het al wat beter. Ik moet me haasten, want om kwart voor vijf moet ik op school zijn voor onze driedaagse naar Engeland. Vlug iets eten, kleren aan, bagage meenemen en akke-akke-tuut-tuut weg zijn wij.
Buiten is het nog donker, en er is niemand op straat. In de auto krijg ik de tijd om na te denken over wat komen gaat, en te speculeren en panikeren over de kwaliteit van het eten en het gastgezin. De meesten zijn met de auto gekomen, sommigen met de fiets. We worden onderverdeeld in drie bussen,en wij zitten in de enige niet-dubbeldekbus. “Wij” zijn trouwens Thomas en ik, want wij zitten samen in één gastgezin, en dus ook in dezelfde bus. Dan vertrekken we, het ons zo gemakkelijk mogelijk makend, want we moeten nog lang in de bus zitten. De reis gaat eerst naar Calais, waarna we met de boot verder varen naar Dover, om dan weer met de bus naar Canterbury te rijden.
De boot is zo groot dat je mekaar gemakkelijk kwijt kan spelen, wat dus ook effectief gebeurt. Gelukkig vinden we mekaar snel en met uitzicht op de zee voor ons varen we verder. “Zou die vage streep aan de horizon trouwens de kust zijn?” Het is ze inderdaad, en het licht reflecteert op de witte krijtrotsen. Als een wervelwind sprinten we allemaal naar boven, want dat is een foto waard. Als we aan de kade zijn, stappen we terug in de bus, en rijden we voort door het heuvelachtige landschap, verder en verder weg.
Bij de aankomst in Canterbury zien we al meteen de kathedraal boven alle andere gebouwen uitrijzen. (“Dus dit is nu Engeland…”) We wandelen naar de kathedraal, waarna de groepen worden verdeeld. Ik ga mee naar de kathedraal, en we volgen een groep in uniform gestoken lagereschoolkinderen naar binnen. Het eerste wat opvalt, is de grootte van het gebouw,, en dat de mechanische audiogidsen weigeren Nederlands te praten, hoe we ook proberen. Na tien minuten hebben we het meeste al wel gezien, maar we blijven door de kathedraal slenteren, want we hebben er voor betaald. Een half uur later staan we weer buiten.
Lerds Castle is het volgende punt in onze etappe. Veel vogels, eekhoorns en een doolhof waarin we met plezier verdwalen. Het kasteel zelf zijn we nogal snel doorgewandeld. Nu zijn we moe, hebben we honger en willen we slapen. Nadat was gebleken dat ons gastgezin vastzat in Londen, werden we ondergebracht bij een zekere Margaret. Deze had twee Schotse terriërs, die haar hele huis domineerden. Overal beeldjes, knuffels, schilderijen en tekeningen van de honden. Het grootste deel van de tijd zat ze dan ook in haar hondenkamer, en zaten we alleen. Maar samen met Christophe, James, Casper en het eten van de Pizzahut werd het toch nog een gezellige boel.
De volgende dag maakten we een wandeling door Londen, van Saint Paul’s Cathedral naar Big Ben. De kathedraal was vooral de moeite door zijn geweldige uitzicht boven op koepel.. We vroegen ons wel af waarom al die mensen hun oor tegen de muur hielden en iets voor zich uit mompelden, totdat we achteraf te horen kregen dat dat de fameuze Whispering Gallery was. Na de wandeling gingen we eten, en daarna verdwaalden we op weg naar Madame Tussaud’s Het museum zelf was heel leuk, vooral de Chamber of Horror, waar griezelig vermomde acteurs je constant hartaanvallen bezorgden door bijvoorbeeld vanuit een donker hoekje vlak voor je neus te springen. Creepy allemaal.
De laatste dag. Nog vlug even een museum bezoeken en een wandeling langs Piccadilly Circus, Trafalgar Square en Buckingham Palace maken. Daarna begint de eeuwigdurende terugreis. Als het landschap heuvelachtiger wordt, komen we plots aan de kust. De bus rijdt de ferry op, en we kunnen even onze benen strekken en het naar onze zin maken op de boot. Buiten is het al donker, en de wind speelt door onze haren als we op het dek staan.
En kijkend naar de langzaam vager wordende kustlijn, varen we naar huis, naar onze eigen kleine fijne landje.
(Tom DS)
Het was donderdagochtend rond 5 uur. Er waren nog niet zoveel mensen op straat en je kon amper een geluid waarnemen. Aan OLVE stroomden de leerlingen van het 4e jaar toe, gepakt voor de driedaagse naar Engeland.
In Canterbury werden we in 3 groepen opgedeeld. Diegenen die de kathedraal gingen bezoeken, de leerlingen die naar het Canterbury Tales museum gingen en de leerlingen die Canterbury gingen verkennen. Ik was bij de 3e groep. Ik vind Canterbury een heel mooi en gezellig stadje.
Toen het middag werd, stapten we terug op de bus en reden we naar Leeds Castle. Ik vind het een zeer mooi kasteel. Na het bezoek mochten we nog vrij rondlopen in het domein. Ik vond het spijtig toen de tijd om was en we moesten terugkeren naar ons plekje in de bus.
Het gastgezin bestond uit een dame en haar honden. Ze verzorgde ons goed en elke dag kregen we een vrij uitgebreid ontbijt en een lekkere warme maaltijd. De bedden waren goed en de kamers niet te klein.
Aangekomen in Londen werden alle leerlingen in 2 groepen verdeeld. Onze groep ging eerst naar Saint Paul’s Cathedral. De kathedraal was heel mooi en we gingen met de trap helemaal tot het topje van de kathedraal. Het uitzicht vanaf dat punt was fantastisch. Je kon over heel Londen zien en alle grote monumenten bekijken.
Na het bezoek aan de kathedraal gingen we, eerst met de metro en dan nog een stuk te voet door een drukke winkelstraat, naar Hyde Park waar we ons lunchpakket mochten opeten. Na een half uurtje liggen in het gras ging een deel mijn groep naar Londen Dungeon. Hier wordt de geschiedenis van Engeland in kaart gebracht d.m.v. grappige toneelstukjes. Het was bij momenten zeer schrikwekkend en je hoorde vaak iemand gillen. Toen we bekomen waren van de schrik, keerden we terug naar de bussen en deze brachten ons terug naar het gastgezin. We vertelden onze avonturen en hoe leuk de dag was aan Margaret en gingen na een lekkere maaltijd slapen.
De volgende dag bracht Margaret ons eveneens naar het verzamelpunt en namen we afscheid van haar. De bus bracht ons terug naar Londen en van daaruit vertrokken we naar ‘British Museum’ en kregen we daar een rondleiding van een Engelse gids. Ik vond het een vrij saaie rondleiding maar toen deze was afgelopen, kregen we een uurtje vrij. Dit was zeer leuk want je kon gewoon met vrienden praten en in de buurt van het museum rondlopen.
(Thomas VR)
Iedereen zei mij altijd dat de Britten heel beleefd waren maar in realiteit had niemand echt de tijd om twee schoolmeisjes te helpen. De meest voorkomende excuses waren dan “I really have to rush…” en “This is really not a good time, I’m sorry…”. Na veel teleurstellingen sloegen we uiteindelijk een bejaarde vrouw aan de haak die met plezier tijd voor ons maakte. Toen dit eindelijk achter de rug was, zijn we aan het shoppen gegaan, al waren de winkels niet echt anders dan in België.
We reden door naar Leeds Castle, waar we eerst het kasteel zelf bezochten. In onze vrije tijd die we kregen na het bezoek aan het kasteel leek het bijna vakantie ; de zon scheen, je kon gewoon liggen in het gras, een doolhofje doen, en meer van dat leuks. In de bus raakte ik aan de praat met alle mensen rondom mij, het werd een gezellige busreis.
Alle mogelijke fantasieën over de gastgezinnen maakten bij iedereen de tong los. Op het meeting point was het grote moment aangebroken. Ze riepen mijn kamer af en met knikkende knieën stapten we uit de bus en in de auto van een onbekende vrouw. Het huis was bouwvallig en de bewoners hadden absoluut geen sympathie voor ons en deden dus ook niet de moeite om tegen ons te praten. We waren dan ook blij toen we de volgende morgen terug mochten vertrekken.
Al vroeg in de morgen werd ik weer herenigd met mijn klasje aan de ingang van St. Paul’s Cathedral. Het was echt een indrukwekkend mooie kerk en het werd zelfs nog beter. Het prachtige uitzicht was een mooie beloning voor de vele trappen die we op moesten (443).
Op weg naar Tate Modern kwamen we langs een straat met vele straatmuzikanten. Waarvan velen in mijn geheugen gegrift zullen blijven.
Wat vooral mijn aandacht trok in het museum was de enorme barst in de vloer. Graag had ik de rest van het museum nog een bezoekje gebracht maar daar hadden we spijtig genoeg niet de tijd voor. We aten onze lunch bij het beroemde Speaker’s Corner in Hyde Park. De zon scheen nog altijd en het was een aangename middag. In de namiddag gingen we op weg naar het langverwachte Madame Tussaud’s wassenbeelden museum. Het was zelfs beter dan ik had durven hopen. Ik ben op de foto geweest met vele beroemdheden, waaronder Johnny Depp als caption Jack Sparrow wie ik toch wel adoreer. Ik heb Ghandi mogen knuffelen en ben weggevlogen met Superman. De dag werd afgesloten met een leuke babbel in de bus, waarin de gebeurtenissen en hilarische momenten van de dag gedeeld werden.
In de auto sprak onze gastvrouw voor het eerst met ons. Veel zei ze niet, maar het was toch al een verbetering tegenover de vorige avond. Toen had haar zoontje van zeven de hele tijd het woord gevoerd. Later die avond mochten we mee tv kijken met Lium, de schattige zevenjarige gentleman des huizes. Hij vertelde ons schokkende dingen. Zo vertrouwde hij ons toe dat hij veel vocht met zijn medeleerlingen en daarom veel problemen had op school. Hij werd ook al een keer gearresteerd door de politie wegens het stelen van sigaretten met zijn vriendje. Wij vroegen hem toen of hij rookte. Zijn antwoord “ Ik alleen af en toe, maar mijn vriend heel de tijd. Hij is kleiner dan ik maar hij kan me zo in elkaar slaan …“ Alsof er niets aan de hand was toonde hij ons zijn achterwaartse salto in de zetel. Later die avond liet hij ons foto’s zien van zijn familie. Hijzelf en zijn vierjarig broertje Coulum waren mulatjes. De twee oudere blanke meisjes van onze leeftijd stelde hij voor als zijn zussen. En het kleine zwarte baby’tje als zijn broertje. Dit was nogal een vreemde situatie omdat de blanke vrouw dan de moeder moest zijn van al deze anders kleurige kinderen en niet eens zo oud was. Hij toonde ons een foto van zijn vader. Wij vroegen hem waar zijn papa was. Hij vertrouwde ons toe dat hij dat niet mocht weten van mama maar dat hij wel wist dat hij een heel slecht persoon is. Met ons hoofd vol vragen kropen we op tijd onder de lakens om morgen nog te kunnen genieten van de laatste dag Londen.
Dag 3
Het British Museum stond als eerste op het programma van de dag. Het zei me niet echt veel, al die beelden en ik zag er niet echt het nut van in. Misschien later als ik ooit nog eens in Londen ben dat het me meer kan boeien. De wandeling daarentegen vond ik echt leuk. We zagen de wachters aan het koninklijke paleis. We maakten een moslimmanifestatie mee op Trafalgar square en een bommelding in de metro. Een van de hoogtepunten van de wandeling zou Covent garden moeten geweest zijn. Het was er zo druk dat het een verzamelplaats was voor zakkenrollers. Ook had men mij verteld dat de straatentertainers auditie zouden moeten doen om daar te mogen staan. En toch zei het mij niets. De straat die we de vorige dag afgewandeld waren vond ik veel gezelliger en de muzikanten beter. De busreis was zoals ze al altijd was geweest, met veel verhalen en gelach.
Een mooie afsluiter van deze fantastische dagen vol plezier was de overzet per boot. Nog even afscheid nemen van het verlichte Engeland vanop het dek. Waarop we nog een muzikale ode aan het mooie Londen hebben gebracht die de andere passagiers nog voor lange tijd in hun geheugen zullen meedragen.
Mijn papa - die ik toch wel gemist heb - stond mij op te wachten om mijn zware tas aan te nemen en mij in volle snelheid naar mijn eigen bedje te brengen. Van dit laatste heb ik dan ook met veel plezier gebruik gemaakt en met de gedachte aan al de onvergetelijke momenten van de afgelopen dagen viel ik al glimlachend in slaap.
(Céline DR)
“Wauw, is het al voorbij?” dacht ik toen ik zondag mijn ogen opendeed, en merkte dat ik in mijn eigen bed lag. Die drie prachtige dagen zijn echt voorbijgevlogen.Het begon allemaal donderdag achttien oktober, om half vier ’s ochtends. Met slaapoogjes nog de laatste ditjes en datjes in je valies stoppen. En vertrekken maar!
De busreis naar de ferry was nogal aan de stille kant, maar vanaf het moment dat we op de ferry zaten, begon iedereen hyperactief te doen. Het was de eerste keer dat ik met een ferry voer, en ik vond het echt zalig, die wind door je haren op het dek! Het was wel spijtig dat Britt zich niet lekker voelde, arm meisje. De kustlijn van Engeland kwam dichter en dichter, en toen waren we er, Engeland! Toen iedereen zijn bus had teruggevonden, reden we naar Canterbury.
Mijn eerste reactie toen ik in Canterbury aankwam was: “Wauw, het is hier goed weer!” Want mama had me gewaarschuwd dat het in Engeland bijna altijd slecht weer is. Bij deze: waar Olve ook komt, de zon komt mee!
In Canterbury zijn ik en een paar vriendinnen eerst de kathedraal gaan bezichtigen, wat wel amusant was omdat je een raar telefoonachtig toestel kreeg, dat je informatie gaf over de kerk. Na ons kerkelijk bezoekje zochten we even naar andere bekenden, en gingen dan gezellig eten in de McDonald’s. Daarna zijn ik en een paar vriendinnen nog even gaan shoppen, en daar heb ik een zalig paar handschoenen gekocht.
Na Canterbury bracht de buschauffeur, die raar maar grappig was, ons naar Leeds Castle. Na een wandeling door natuurlijk gebied, zagen we daar in de verte het kasteel. Het was echt pràchtig weer. Ik kan me deze reis echt niet voorstellen zonder de zon. Alles is minder leuk als je tenen bevriezen en je helemaal doorweekt bent, niet?
Toen we 2 uurtjes vrijaf hadden - nog zo iets, ik had van de school echt niet verwacht dat we zoveel tijd alleen zouden krijgen, een positieve verrassing - hebben een paar vriendinnen en ik een extreem grappige fotoshoot gemaakt, met op de achtergrond het kasteel en zijn gracht. Tina (een vriendin) is daar nog op haar achterwerk in het gras gevallen. Hilarisch.
Ann Hoskins, zo heet ze, was de vrouw des huizes. Ik vind haar echt lief. Wist u dat ze het hele jaar door studenten in haar huis laat logeren? Ze zei dat wij (Belgen) van àlle studenten die ze al had gehad, het beste Engels spraken. En ik denk echt dat ze het nog meende ook…
Onze kamer was fantastisch! Er waren twee stapelbedden en een televisie, met daarnaast een hele stapel dvd’s. Ze had ook een pikzwarte en enorm schattige labrador, Bella. Het eten was lekker, behalve de frietjes uiteraard. Belgen aan de top! (Op frietjesvlak toch.)
Tijdens het eten stond de tv aan. De Britten hebben een televisiezender “Trouble” wat erg lijkt op Kanaaltwee. Trouble heeft programma’s zoals Charmed, That 70’s Show, My Wife And Kids. Dat vonden ik, Anais, Lauranne, en Bea uiteraard fantastisch!
Om het even kort samen te vatten, we vielen in slaap en toen ging de wekker af. Toen was het vrijdag. Echt één van de vragen des levens: “Hoe kómt het toch dat je ’s avonds totaal niet moe bent, en dat je ’s morgens je moeder zou doodschieten in ruil voor een uurtje langer maffen?”
De bus bracht ons naar Sint-Pauls Cathedral. Dat vond ik persoonlijk een fijnere kathedraal dan die in Canterbury, vooral na de 700 trappen, toen ik hélemaal boven stond, was het uitzicht over Londen, en zelfs nog veel verder, echt oog-ver-blindend!
Na die kathedraal bezochten we het Tate Modern museum, waar we de wonderbaarlijke scheur in de grond mochten bewonderen, waar al zovelen sukkels voor ons ingevallen waren. Ergens in het museum ben ik mijn rugzak uit het oog verloren. Dat was echt het paniek-halfuurtje van de week. Gelukkig had een vriend van me hem meegenomen en bewaard. En direct al was het tijd om snel een hapje te eten en te vertrekken naar de leukste attractie: MADAME TUUSSAUDS’. Vooral een kiekje trekken samen met Einstein of Hitler vond ik echt geestig.
Wat me ook is bijgebleven, is dat in Londen de metro echt véél sneller en efficiënter is. En, als ik dat nog even mag vermelden, ben ik best wel fier op mezelf dat ik dat stom ticketje niet heb verloren…
We keerden terug naar ons gastgezin, waar we, net als de vorige dag trouwens, lekker eten kregen. Deze keer was het pizza met patatjes, rare combinatie, ik weet het. Maar als pizza lekker is, en patatjes zijn lekker, dan kon het ook niet anders of pizza + patatjes is ook lekker hé..
Bea en Lauranne vielen vrijwel meteen in slaap. Terwijl Anais en ik het nog nog een halfuurtje konden volhouden te vechten tegen Klaas Vaak.
En, zoals altijd, is het ineens zaterdag. De zesde dag van de week. De dag waarop God besloot de mens te scheppen. De dag waarop we ook vertrekken naar… huis. Maar! Niet getreurd, we hebben eerst nog een hele dag voor de boeg.
In de voormiddag bezochten we het British Museum. Op de trappen van het museum, tussen de duiven, aten wij onze boterhammetjes/hotdogs op en zetten koers naar “the place to be for shoppers”: Covent Garden! Daar vond ik het best wel gezellig, met de straatartiesten en goochelaars. We wandelden, al lachend en genietend van het feit in Londen te vertoeven, naar Buckingham Palace. Die bewakers hadden helemaal geen torenhoge hoed!
Toen brak het grote moment aan om terug te vertrekken naar het koude Belgie. Op de ferry hadden erg veel mensen een emotioneel moment, ik heb zelfs geweend, en dat is iets wat ik niet vaak doe. De allerlaatste busreis was OPPERSFEERVOL ! Iedereen ging op iedereen liggen en het was echt gezellig. Toen kwam de school in zicht…
Ik besef net dat ik terug wil!
(Mariet)