Op
29 september namen we met onze klas de trein naar Mechelen en stapten op de
Nekkerspoel af. Na enkele minuten wandelen kwamen we aan het sportcomplex “De
Nekker”.
In
de voormiddag deden we groepsbevorderende activiteiten. Om te beginnen
verdeelden we ons in ploegjes van 5 personen. Iedereen kreeg een reddingsvest
en elk ploegje kreeg (om de beurt) een vlot met vier peddels. Hiermee vaarden
we naar een brug en de persoon zonder peddel klom op het net dat aan de brug
naar beneden hing. Die persoon liep dan naar de steiger waar de rest
ondertussen met het vlot naar toe vaarde.
Daarna
klom de persoon op de steiger terug op het vlot en voerden ze naar het
vertrekpunt. Twee jongens vonden het warm en sprongen in het water om deze
tocht al zwemmend te doen.
Als
tweede opdracht liepen we een oriëntatieloop. Enkele personen met nog natte
voeten van de vorige opdracht en hadden hun schoenen niet aangedaan. Ze hadden
al snel door dat dit geen goed idee was.
Na
de oriëntatieloop was er een rustigere opdracht, namelijk boogschieten.
Eerst
werd er een oefenronde gespeel waarbij Rambo Pieter recht in de roos schoot.
Daarna volgde er de echte competitie, de billenkletser tegen de killers!
Dankzij
het moedige optreden van twee billenkletsers (jongens natuurlijk) en een
blooper van onze rambo zijn de billenkletsers gewonen.
De
vierde opdracht was een echte kick (en het was nat ook), benjiekajaken. Het was
eigenlijk heel simpel, er waren twee kajakken die aan een rekker vastzaten in
elke kajak ging iemand van het team zitten en die probeerde zo snel mogelijk
een boei tikken met het hand. Ook waren er twee meisjes die niet sterk genoeg
waren en juist niet aan de boei geraakten, na vijf minuten werd er gezegd dat
teamgenoten mochten helpen en dus sprongen die twee jongens terug in het water
om hun teamgenoot te helpen.
De
volgende opdracht was dan weer voor de slimme mensen, wij allemaal dus, het was
een memorisatiespel dat uit twee delen bestond. Tijdens de memorisatie waren
die twee natte jongens half bevroren maar dat terzijde. In het eerste deel
zochten beide teams in een bosje naar foto’s van bekende mensen. Bij het tweede
deel was het de bedoeling dat iedereen samen werkte. Er waren 18 hoeden met elk
een nummer en een gekleurde band. Er ging eerst een persoon kijken en die moest
uiteggen welke hoed hij genomen had, ook moest hij het nummer dat in de hoed
stond onthouden. Toen iedereen geweest was kwamen we allemaal samen bij de
hoeden en duidde iedereen de juiste nummers in de hoeden aan.
De
laatste opdracht was bakkentorens bouwen. Het klinkt misschien raar in de oren
zoals enkele andere opdrachten maar ook dit was redelijk simpel (om uit te
leggen toch). Iedereen kreeg een helm en een persoon van elk team kreeg een
klimgordel om. Die persoon klom dan op twee opeengestapelde bakken. Daarna
werden de volgende bakken door teamgenoten aangegeven en zette de bouwer die er
op en klom vervolgens een bak naar boven. De eerste vijf bakken waren nog
gemakkelijk maar daarna begon het toch al wat moeilijker te gaan. Op het einde
hadden we nog een acrobate die een toren van maar liefst zeventien bakken
bouwde en er dan nog op kon rechtstaan ook, helaas duurde het maar enkele
seconden voor de toren alweer omviel.
Hierna
zijn we met ons allen naar het hoofdgebouw teruggekeerd en hebben sommigen zich
omgekleed. Na het omkleden gingen we naar buiten en hebben daar aan enkele
tafeltjes onze boterhammen opgegeten. In de namiddag zijn er een deel van de
klas gaan skaten in het skatepark(je). Enkele andere personen gingen zwemmen en
iemand vond het wel eens leuk om in het water te springen met kleren aan. Aan
het eind van de dag hebben we de trein genomen naar het station van Mortsel en
is iedereen na een leuke dag naar huis gegaan.
-geschreven door Dries
Speybrouck en met dank aan 2GL, mevr. Couderé en
mevr. Van Calster